XDGA geeft Antwerps provinciehuis een draai

Projecten
Overig 
‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Het door XDGA ontworpen nieuwe provinciehuis van Antwerpen vervangt een complex van modernistische bouwvolumes die niet aangepast konden worden aan de huidige eisen voor duurzaamheid en vergroening.

Enkele jaren geleden organiseerde het Antwerpse provinciebestuur een architectuurwedstrijd voor een nieuw provinciehuis. Uit een vijftal bekende kandidaten, waaronder bOb Van Reeth en Luc Deleu, werd Xaveer De Geyter Architects (XDGA) geselecteerd. Het project diende aan twee basisvereisten te voldoen: de site moest vergroenen en publiek toegankelijk worden, terwijl een recent frontgebouw moest blijven. Men meende immers dat het politiek onverantwoord was om dit gebouw, daterend uit de jaren negentig, af te breken om door nieuwbouw te vervangen.
“De twee uitgangspunten samen leken mij contradictorisch”, vertelt Xaveer De Geyter, “want als men deze site aan de weinige publieke groene ruimte van de Antwerpse binnenstad wou toevoegen, vormde dit frontgebouw een barrière richting Albertpark. Daarom plaatsten wij het nieuwe programma als een brugconstructie dwars over het bestaande volume, zodat de inkomhal dichter bij de Elisabethlei werd gebracht en er rondom meer open ruimte en park ontstond. Dankzij die dwarse plaatsing werd de frontaliteit van het paviljoen, met een lengte van 70 m, gebroken.”

Iconisch en sculpturaal ontwerp van XDGA

Het provinciehuis bestaat uit een glazen paviljoen met daarboven een volume met kenmerkende zwenking. In het midden van het torengebouw verbindt een indrukwekkend stalen spant de ene kern met de andere. De compacte samenstelling liet toe om de ontvangst-, congres- en tentoonstellingsfuncties in het paviljoen onder te brengen en de andere bestemmingen – voornamelijk kantoren – in het torengebouw.
Om achter het gebouw een park te creëren, kwam het architectenteam in de ontwerpfase tot een ‘verdraaide vorm’ – waarbij het zwaartepunt van het nieuwe programma zich naar het midden van het park beweegt. Door de opening tussen nieuwbouw en een oud gebouw aan de Elisabethlei te vergroten, kreeg dit een meer open karakter en werd het geheel minder de achterkant van een gebouw. “Het eerste ontwerp om het programma dwars over het paviljoen te positioneren was vanuit stedenbouwkundig oogpunt misschien goed en slim, maar het zag er niet uit”, zegt De Geyter. “Door er echter een draai aan te geven, werd het een iconisch, sculpturaal gebouw. Voor een provinciehuis met een publieke functie vonden wij dit wel verantwoord.”

Bouwaanvraag met vaart

Omdat de opdrachtgever jarenlang over het project had nagedacht, waren de wensen op het vlak van programma en budget heel helder. Vermits de realisatie snel diende te gebeuren, werd achter de bouwaanvraag de nodige vaart gezet. Tijdens de technische uitwerking bleek echter al gauw dat het optrekken van het nieuwe volume dwars over het bestaande, een significant aantal technische en financiële consequenties inhield. Hoewel de bouwaanvraag dus reeds ingediend was, werd toch beslist om het oude volume af te breken en in dezelfde dimensies nieuw te bouwen. Deze nieuwe situatie liet toe om dubbelhoge ruimten te bouwen die half verzonken zijn onder het maaiveldniveau, waardoor de hoge kant van het auditorium zich precies op dezelfde hoogte als de tuin bevindt.

Mozaïektegeltjes

De ongewone driehoekige raampartijen, voorzien van automatische anti-glare schermen, nemen met 30 procent weinig geveloppervlakte in. Het is bijgevolg primordiaal om de beschikbare lichtinval optimaal te gebruiken. “De raamvorm vond zijn oorsprong in de geïntegreerde spanten in triangulaire vorm”, aldus Xaveer. “Een driehoekig raam blijkt efficiënt te zijn om een ideale balans te creëren tussen optimale daglichttoetreding en minimale oververhitting door de zon. Het daglicht dat diep in de ruimte doordringt, valt dicht aan het plafond naar binnen, terwijl het licht dat minder dan 1 m hoog binnenkomt slechts de vloer nabij het raam verlicht en opwarming veroorzaakt. De driehoekige ramen zijn, net als de zwenking van het torengebouw, in eerste instantie beargumenteerde ontwerpoverwegingen. Maar beide bepalen natuurlijk ook de esthetische, iconische waarde van het gebouw.”
Vanwege de zwenking is de gevel gekromd, waardoor het daarop vallende licht de tint daarvan tijdens het verloop van de dag veranderd. Om dat effect te optimaliseren, werden kleine glazen mozaïektegeltjes gebruikt voor de gevelafwerking. “We wilden de lichtweerkaatsing optimaal exploiteren en de gevelafwerking niet gefragmenteerd, maar als doorlopend oppervlak hebben. Dankzij de kleine tegeltjes kon de kromming van het gebouw vrij gemakkelijk gevolgd worden.”

Overhellende wanden

Het congresgedeelte bevindt zich in een soort splitlevel-situatie ten opzichte van het ingangsniveau. De kruisvormige congresruimte herbergt de onthaalbalie, de raadzaal, het auditorium, de tentoonstellingsruimte, enkele keukens en technische ruimten. Een stalen trap leidt twee bouwlagen hoger naar het dakterras met aanpalend ambtenarenrestaurant. Daarboven bevinden zich de kantoorverdiepingen in het zwenkende gedeelte, waardoor de wanden aan de ene kant naar binnen overhellen en aan de andere kant naar buiten. Helemaal bovenaan is, met enkel loodrechte wanden, de bibliotheek ondergebracht, net als twee verdiepingen voor de bestendige deputatie. Die verdiepingen zijn rondom een patio georganiseerd waar een overdekt buitenterras aan gekoppeld is.

Groene schijn

De Geyter vindt het boeiend om ruwe met verfijnde materialen te combineren. Zoals wit beton voor de wanden, contrasterend met het zwart van de twee kernen, doorlopend op alle verdiepingen. Of vloeren in aluminium, dan weer in rubber. Of door grote wanddelen met echt leder of met geperforeerde aluminiumplaten te bekleden.
Een deel van de losse meubelen werd mede door De Geyter uitgekozen. Zoals stoelen van Egon Eiermann in het restaurant en her en der zitbanken van Maarten Van Severen. “Maarten en ik liepen ooit samen school”, zegt de architect. “Vroeger werkten wij gezamenlijk aan verschillende projecten, nog voor hij als meubelontwerper bekend werd.”
De ambtenarenkantoren werden geconcipieerd volgens het ‘nieuwe werken’, naast vergaderlokalen met dubbelwandige glaspanelen met gezeefdrukte motieven. De bestendige deputatie heeft reguliere grotere en kleinere kantoren ter beschikking. “Voor de akoestiek was het noodzakelijk om de kantoorruimten voor de ambtenaren met vasttapijt op de verhoogde vloeren te bekleden”, verduidelijkt De Geyter. “Want omdat het gebouw betonkernactivering heeft, was het niet opportuun om de betonnen plafonds van verlaagde te voorzien. Vermits ook de wanden in beton zijn, restte er de vloeren als enige geluiddempende mogelijkheid. Vandaar het groene vasttapijt. Als ’s avonds de verlichting brandt, verleent die kleur het gebouw een groene schijn.”

Polycarbonaat

De congresruimte en de provincieraadzaal werden uitgerust met fraaie verlaagde plafonds: geplooide, met elkaar verweven polycarbonaatplaten die de vele technieken visueel verbergen, met uitzondering van de sprinklerinstallatie. De tafels in de provincieraadzaal zijn een eigen ontwerp: een zwarte spuitbekleding op een MDF-ondergrond, ondersteund door stalen poten. Projecties gebeuren op een witgeschilderde stalen wand. Beide ruimten zijn voorzien van aluminium vloeren, terwijl geprefabriceerde, gepolijste betonplaten met grote keien de vloeren rondom de onthaalbalie sieren. De meeste trappen zijn zwartkleurige stalen exemplaren. “Ik kan niet zeggen dat er één materiaal dominant was in onze interieurkeuze”, aldus De Geyter.

Samenwerking Michel Desvigne en XDGA

XDGA doet voor veel projecten beroep op dezelfde landschapsarchitect, de Parijzenaar Michel Desvigne. Dat was ook voor het provinciehuis zo. De Geyter: “Hij is één van de weinige landschapsarchitecten die niet frivool wil zijn; al te veel tuinarchitecten zijn bezig met decoratieve vormpjes terwijl Desvigne geïnspireerd is door Amerikaanse landschapsarchitectuur. Wat hij voor het provinciehuis van Antwerpen deed, zie je ook in Brusselse parken: een grote, open leegte in het midden, met bomen en struiken aan de randen die, na verloop van tijd, een nieuwe ruimte creëren.”

Smooth

“Het volledige project verliep ‘smooth’”, besluit De Geyter. “Maar omdat het geen standaardgebouw betrof, was het een hele klus om financiën en ambities met elkaar in balans te brengen. De sculpturale vormgeving verhoogde weliswaar de kostprijs, maar de opdrachtgever wenste absoluut geen saai kantoorgebouw. Vanwege de complexiteit was een heel nauwe samenwerking tussen architect, structuuringenieur en ingenieur technieken essentieel. De ruimte tussen de bovenkant van de ramen is heel beperkt, terwijl de overhellende structuur voor een deel ook door de wanden gedragen wordt. De zwartkleurige kern staat op de benedenverdieping diagonaal aan de ene kant van het gebouw, maar bovenaan komt die orthogonaal volledig aan de andere kant uit, wat ook de beperking van de zwenking is. Die kon onmogelijk nog groter zijn zonder gebruik te moeten maken van hellende liften.”

www.xdga.be

(Tekst: Wouter Peeters – fotografie XDGA / Matthias Van Rossen)

LEGENDA
Bouwheer/opdrachtgever Provincie Antwerpen
Architect Xaveer De Geyter Architecten (XDGA)
Projectarchitect wedstrijd Xaveer De Geyter, Doug Allard, Christophe Antipas, Lieven De Boeck, Yannis Igodt, Paul-Emmanuel Lambert, Federico Pedrini en Marie-Pierre Vandeputte
Definitief ontwerp Xaveer De Geyter, Yannis Igodt, with Doug Allard, David Ampe, Tom Bonnevalle, Karel Bruyland, Elena Caruso, Joris De Greef, Denisse Florea, Arie Gruijters, Annelotte Herrebosch, Willem Van Besien, Peter Vande Maele, Yannick Vergnaud en Stéphanie Willocx
Implementatie Xaveer De Geyter, Tom Bonnevalle, Yannis Igodt, Joris De Greef, Arie Gruijters en Annelotte Herrebosch
Interieurarchitectuur XDGA
Ontwerp landschap Michel Desvigne Paysagistes + ARA
Vast meubilair Muller Afbouwgroep – Element Binnenafbouw
Los meubilair Wilkhahn, Wilde + Spieth, Fritz Hansen, Maarten Van Severen, Kree Interieur (leverancier)
Verlichting Flos, Axioma
Vloeren Modulyss, Urbastyle, Metal Design Works, Techimex
Akoestisch advies Marcelo Blasco
Aanleg openbaar domein Stad Antwerpen
Buitenschrijnwerk Blitta gevelsystemen
Trappen Metal Projects
Structuur Bollinger-Grohmann
EPB Boydens
Veiligheidscoördinatie Abetec
Hoofdaannemer Democo Denys
Totale oppervlakte (boven- en ondergronds) 33.000 m²
Bouwsom (excl. btw en erelonen) € 66,7 miljoen

De website Pi-online biedt actualiteit voor professionals uit de architectuur- en interieurbranche. De rubriek Projecten biedt beschrijvingen van onlangs gerealiseerde gebouwontwerpen.