Nieuwe energie voor Strijp-T

Projecten
Herbestemming 
‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Atelier van Berlo transformeerde in samenwerking met Eugelink Architectuur en De Bever Architecten de voormalige Energiecentrale van Philips tot Innovation Powerhouse: een community voor bedrijven waar ontmoeting centraal staat.

Na een lange periode van stilstand gonst het in de voormalige Energiecentrale op Strijp-T weer van bedrijvigheid. Gebouw TR, oorspronkelijk ontworpen door C.Last, kwam tussen 1953-1972 in vier fasen tot stand. Eerst was het een kolencentrale, daarna werd er gestookt op respectievelijk olie en gas. Met de plaatsing van een nieuwe energiecentrale was gebouw TR was overbodig geworden. In 2008 was zelfs even sprake van sloop, maar gelukkig kwam het niet zover. Dit inmiddels monumentale industrieel erfgoed kon voor de stad Eindhoven behouden blijven en vormt nu de aanjager voor de herontwikkeling van Strijp-T.

Ecosysteem Strijp-T

Innovation Powerhouse is meer dan alleen een bedrijvenverzamelgebouw, zegt architect Janne van Berlo: “We begonnen aan de transformatie met het idee om een community voor bedrijven te creëren. In de voorbereidende fase hebben we dan ook verschillende plekken bezocht, bijvoorbeeld in Londen, om te kijken hoe je die meerwaarde kunt realiseren. We hebben onderzocht hoe we de architecturale waarden van het gebouw konden behouden en accentueren, en hoe we het konden transformeren tot een open en innovatief ’ecosysteem’ voor bedrijven. Verbinding stond centraal in het ontwerp, dus om te zorgen dat mensen elkaar gemakkelijk tegenkomen, hebben we een centrale as door het gebouw gemaakt, waar zoveel mogelijk bedrijven aan zitten, goed zichtbaar dankzij glazen wanden. Verder is er een centrale ingang en een kantine, die door iedereen gebruikt wordt. De centrale hal is tegelijkertijd expositieruimte, zo zijn er bijvoorbeeld tentoonstellingen geweest tijdens de Dutch Design Week en de Dutch Technology Week. Ook worden er vaak bedrijfsfeestjes in deze ruimte georganiseerd.”

Licht in Strijp-T

Door het industriële karakter van het gebouw waren er forse ingrepen nodig om het geschikt te maken voor zijn nieuwe functie. Van Berlo: “Het pand had oorspronkelijk alleen een begane grond en een eerste verdieping. Op de eerste ver-dieping was het wel open maar de begane grond was een soort catacombe, die we daarom aanvankelijk steeds ‘de kelder’ noemden. Om licht in het gebouw te brengen, hebben we de zone naast de middenbeuk opengebroken. Nu loopt een lange vide dwars door de ruggengraat van het gebouw. Dankzij een nieuw daklicht over de gehele lengte komt licht in het voorheen donkere hart van het gebouw en kun je goed zien hoe hoog het middendeel is. In het vijf meter brede hoogbouwdeel hangen nog de oorspronkelijke kolenstortkokers.”

Verticale tuin

Vanwege de overgang in energieproductie van kolen naar olie werd het originele ontwerp met zijn hoge centrale middenbeuk nooit afgemaakt. Geïnspireerd door de oorspronkelijke bouwtekeningen is in de hoogbouw een stalen verticale tuin toegevoegd, waarmee de ooit beoogde symmetrie gerealiseerd is. Van Berlo: “Deze verticale tuin, met daarin ontmoetingsruimten, een glazen lift en de nooduitgang, volgt de stramienen van de oorspronkelijke architectuur. De nieuwe glazen aanbouw aan de achterzijde van het gebouw maakt de symmetrie compleet. Deze aanbouw volgt qua ritmiek de oorspronkelijke indeling, maar we hebben hem een duidelijk eigentijds karakter gegeven door middel van een strakke detaillering en moderne materialen. Tijdens de verbouwing is het gebouw tot monument bestempeld, dus we hebben hier bij onze ingrepen rekening mee gehouden. Omdat we de schoonheid van het bestaande, robuuste karakter wilden bewaren, hebben we de ramen in de kantoren en de hoofdingang bescheiden gehouden. De ramen op de begane grond hebben we gepositioneerd op de plaats, waar de oorspronkelijke ramen zaten. In de stoere plint van het gebouw hebben we het glas weggedetailleerd.”

Betonstructuur

Duurzaamheid vormde een belangrijk onderdeel van de renovatie, het gebouw heeft nu een A+-energielabel. “We hebben HR+-glas gebruikt, het dak is aan de buitenzijde geïsoleerd en versterkt zodat er zonnepanelen op kunnen liggen. De onderste donkerrode baksteen plint hebben we aan de buitenzijde geïsoleerd, omdat we de betonwand aan de binnenzijde zo mooi vonden. Aan de achterkant van het gebouw hebben we juist aan de binnenkant geïsoleerd, om de staalconstructie zichtbaar te laten.” Dankzij de toevoeging van het daklicht kun je de originele betonstructuur goed zien. “Het betonnen cassetteplafond van het gebouw vormde de leidraad voor ons interieurontwerp. De belangrijkste vraag hierbij was: hoe zorg je dat je ingrepen passen bij de schaal van het gebouw? Om extra verdiepingen te realiseren, hebben we betonvloeren geplaatst. We konden geen prefab betonvloeren gebruiken, dus alle vloeren zijn met de hand bekist en gestort. Voor de glazen puien wilden we geen kunststof gebruiken, we hebben gekozen voor zwart gespoten aluminium. Om warmte te brengen tussen het vele beton en glas hebben we verschillende houtsoorten toegepast in het interieur” In de centrale as is een grote tribunetrap geplaatst. Op de vloer ligt een karpet uit de Desso&EX-collectie, de banken zijn een ontwerp van Joep van Lieshout voor Lensvelt. Deze toevoegingen maken dat de enorme ruimte nergens onpersoonlijk aanvoelt. Hoewel je dit niet zou verwachten, krijgt het stoere beton in zijn doorleefdheid bijna iets aaibaars, dankzij de zorgvuldigheid waarmee het interieur is benaderd.

Indoor farms

Innovation Powerhouse heeft inmiddels twaalf huurders. Van Berlo: “Het gebouw fungeert als kickstarter voor de ontwikkeling van Strijp-T. In tegenstelling tot Strijp-S waar de nadruk lag op startups, is Strijp-T meer gericht op al gevestigde bedrijven, dus de bedrijfsruimten mogen wat royaler zijn. Bij de selectie van huurders is erop gelet dat er een goede mix ontstaat van bedrijven, die allemaal gericht zijn op innovatie. Op de begane grond zitten vijf huurders, op de verdiepingen daarboven zo’n twee à drie per verdieping.” De voorkant van het gebouw heeft drie bouwlagen, in het achterste deel zijn het er vijf. De middenbeuk heeft bovenop nog twee extra verdiepingen, die – heel toepasselijk – verhuurd zijn aan Seven Steps To Heaven, een producent van indoor farms. ’s Avonds kun je van buiten de ledlampen zien, die ze gebruiken om hun planten te laten groeien. De synergie in het gebouw begint goed op gang te komen, een teken dat de transformatie in zijn opzet geslaagd is. “We hebben bij dit project steeds heel erg gedacht vanuit de gebruiker, het gebouw is gericht op kruisbestuiving en doet dienst als visitekaartje voor de huurders. Ik ben erg blij dat je hier kunt binnenlopen en het gevoel hebt dat het klopt.”

www.ateliervanberlo.com
www.debeverarchitecten.nl
www.eaoa.nl

(Tekst: Eva Vroom – fotografie: Tycho Merijn)

Legenda
Opdrachtgever GeVa Vastgoed
Architecten Atelier van Berlo i.s.m. Eugelink Architectuur & De Bever Architecten
Interieurontwerp Atelier van Berlo
Interieurbouw Verschuren, IBtwee
Los meubilair Ahrend, Vitra, Lensvelt
Vloeren Desso
Verlichting Philips Lighting; Alex de Witte
Glaswanden interieur Planeffect
Metalstud interieur TenBack
Aannemer GeVa Vastgoed