Nieuw gezicht voor Naturalis in Leiden

Projecten
Cultuur 
‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Neutelings Riedijk Architecten maakte van Naturalis een landmark in Leiden.

Naturalis, het Nederlandse kennisinstituut voor biodiversiteit bestaat al sinds 1820, toen het werd opgericht door koning Willem I. De natuurhistorische collectie van Naturalis groeide in de laatste decennia met de komst van de collecties van het Zoölogisch Museum en het Nationaal Herbarium Nederland uit tot maar liefst 42 miljoen natuurhistorische objecten, en is daarmee een van de grootste ter wereld. Behalve de collectie groeide ook het aantal medewerkers en bezoekers, zodat een renovatie onvermijdelijk was. Neutelings Riedijk Architecten ontwierp voor Naturalis een duurzaam ensemble van bestaande gebouwen en nieuwbouw, gegroepeerd rondom de collectietoren.

Specifieke vorm Naturalis

Het totale project beslaat circa 38.000 m2, waarvan 20.000 m2 nieuwbouw en 18.000 m2 renovatie. Iedere functie van het instituut kreeg een specifieke vorm met in het hart het ruime, lichte atrium dat alle delen met elkaar verbindt: de oudbouw met de kantoren en de depots, de nieuwbouw met de laboratoria en tot slot het nieuwe tentoonstellingsgebouw. Projectleider Frank Beelen: “Wij hebben de selectie gewonnen met een plan, waarbij we het gebouw scheiden in een publiek en een privaat gedeelte. Dit laatste omvat de kantoren en de nieuwe en bestaande laboratoria. Het apart houden van het private deel werkt niet alleen veel efficiënter, het is ook nodig in verband met de huidige quarantaine eisen. Wij hebben aan de westzijde van het bestaande gebouw een nieuw laboratoriumgebouw neergezet van 3000 vierkante meter, de bestaande kantoorvleugel hebben we gerenoveerd. Naturalis had een grote researchafdeling verspreid over verschillende locaties in Leiden, de wens was om nu alle onderdelen bij elkaar te brengen.”

Patronen

Met een bezoekersaantal oplopend tot ruim 400.000 in de laatste jaren was ook meer expositieruimte nodig. Bovendien moest er een nieuwe entreevoorziening voor het museum komen. Beelen: “De voormalige entree lag in het tegenover gelegen Oude Pesthuis, maar dat werd door het Rijksvastgoedbedrijf afgestoten. Het plan van eisen voor het museum omvatte negen grote zalen die onafhankelijk van elkaar ingericht konden worden. De directie wilde naar een andere manier van tentoonstellen: een meer thematische opzet, interactiever en geschikt voor een bredere doelgroep. We hebben het nieuwe museumgebouw, het publieke deel, een duidelijk herkenbaar gezicht gegeven.” Het opvallendste element aan het museumgebouw is de opengewerkte façade met patronen die verwijzen naar organische vormen. De gevel van de centrale hal met zijn glaskroon bestaat uit een driedimensionale betonnen draagstructuur in de vorm van in elkaar grijpende moleculen die een kantwerk vormen van ovalen, driehoeken en zeshoeken. Beelen: “Het witte prefab beton heeft een marmertoeslag, die door zandstralen duidelijk zichtbaar is geworden.” Door de cirkelvormige ramen valt een gefilterd licht naar binnen, dat de monumentaliteit van de publiekshal versterkt.
Voor het volume van de expositiezalen is een rode travertin uit Iran gekozen. Beelen: “Die hebben we laten klieven om een soort natuurlijkheid en robuustheid te krijgen. Je wilt niet de gladde uitstraling van een kantoorgebouw in Abu Dhabi.” De structuur van deze gevel doet denken aan een soort aardlagen, met verspringende volumes als een verwijzing naar tektoniek. De gelaagdheid wordt nog versterkt door de witte betonnen friezen van Iris van Herpen. Zij ontwierp op uitnodiging van Neutelings Riedijk 263 panelen die samen ruim een kilometer beslaan, met de evolutie als inspiratiebron. Beelen: “We hebben Iris referentiebeelden gegeven van onder andere trilobieten en schelpen, en ze heeft zich laten inspireren door de materialen in de depots. In plaats van een opeenvolging van verschillende afbeeldingen heeft ze een doorlopend patroon ontworpen, dat lijkt op iets wat je in de natuur zou kunnen tegenkomen.” Een speciaal ontwikkelde techniek maakt de betonnen vormen aaibaar, alsof ze van zijdezachte stof zijn.

Kristallen

Hoewel het private en publieke deel gescheiden zijn, komen zowel bezoekers als medewerkers van Naturalis binnen via het atrium, dat toegankelijk is vanaf twee kanten: aan de oostzijde aan de Darwinweg is de ingang voor wie te voet of met het OV komt, de ingang aan de westkant is voor fietsers en automobilisten die van een parkeerterrein afkomen. Op de begane grond liggen publieke functies als het restaurant, de museumwinkel en de vrij toegankelijke permanente expositie ‘Life Science’. Hier kun je de wetenschappelijke kant van Naturalis zien. De binnenwanden van het atrium zijn bekleed met dezelfde travertin als het exterieur van het museum. Beelen: “Door het klieven van de steen kun je kleine kristallen zien glinsteren in de wanden, een echt cadeautje omdat het zo goed aansluit bij de thema’s van Naturalis. We hebben overal gekozen voor duurzame en zoveel mogelijk ook duurzaam geproduceerde materialen als natuursteen, glas en eikenhout; materialen die lang meegaan en mooi verouderen. De gevel van het atrium is aan de binnenzijde afgewerkt met deels geperforeerde eiken panelen. Op de vloer van het atrium ligt een grijze Portugese zandsteen, in het restaurant en op de trap hebben we eikenhout toegepast.”

Haarspeldbocht

Vanuit het atrium voert de publieksrouting in de vorm van een brede, luie trap naar boven. Beelen: “Deze trap doet denken aan een soort bergpad, met in iedere haarspeldbocht de ingang naar een museumzaal. Deze zalen hebben we opgeleverd als een ‘black box’, voorzien van een computervloer met daarop linoleum. Door middel van een energievriendelijk systeem kun je het klimaat in elke zaal apart instellen. Voor de verlichting van de zalen hebben we om de drie meter een spanningsrail geplaatst. De zalen zijn daarna ingericht door de expositieontwerpers.” Doordat de zalen verspringen, bieden ze met hun grote vrije overspanningen hoogte genoeg voor de zesenzestig miljoen jaar oude T. Rex ‘Trix’. De getoonde collectie is verdeeld over een aantal zalen, ingericht volgens de thema’s ‘Leven’, De Aarde’, ‘Dinotijd’, De IJstijd, De Vroege Mens, De Verleiding en De Dood. Met name de introductietentoonstelling ‘Leven’, een ontwerp van Kossman.deJong, maakt grote indruk: je wandelt door een sfeervol donker gehouden ruimte, beginnend bij de diepzee en eindigend op een bergtop. Onderweg kom je een enorme diversiteit aan planten en dieren tegen.
Ook buiten de expositiezalen kijk je je ogen uit: kunstenaar Tord Boontje, bekend om zijn sprookjesachtige bloem- en diermotieven, maakte voor Naturalis bijna honderd kleurrijke wandpanelen. Voor deze visuele verhalen, een mix van fotografie en tekenwerk, liet Boontje zich inspireren door Naturalis en de natuur. Beelen: “Ieder paneel heeft een eigen thema, dat je pas ziet als je er langer naar kijkt. Zo vind je in het restaurant bijvoorbeeld een paneel dat draait om het voedselpatroon van een koe, en een paneel waarop alle ingrediënten voor een pizza staan afgebeeld.”

Verwonderen

Naturalis is klaar voor een duurzame toekomst: het bestaande gebouw is hergebruikt voor nieuwe functies en alle ruimtes, zowel in de oudbouw als in de nieuwbouw, kunnen flexibel aangepast worden aan veranderende wensen. Er is gekozen voor warmte-koude opslag, ledverlichting, duurzame ventilatie, zonnepanelen en sedumdaken. Het nieuwe Naturalis faciliteert meer dan tweehonderd onderzoekers die meedenken over globale vraagstukken over onder andere biodiversiteit, klimaatverandering en leefomgeving. Tegelijkertijd kunnen bezoekers van het nieuwe museum zich verwonderen over de schoonheid en rijkdom van de natuur. Neutelings Riedijk Architecten slaagde erin onderzoek, collectie en expositie bij elkaar te brengen in een gebouwencomplex waarin oud en nieuw een organisch geheel vormen. Daarbij gaven ze op kenmerkende wijze een uitgesproken gezicht aan het museum, in vorm en voorkomen perfect aansluitend bij de thema’s van Naturalis.

www.neutelings-riedijk.com

(Tekst: Eva Vroom – Fotografie: ScagliolaBrakkee)

LEGENDA
Opdrachtgever Naturalis Biodiversity Center
Architectuur Neutelings Riedijk Architecten
Ontwerpteam Michiel Riedijk, Willem Jan Neutelings, Frank Beelen, Kenny Tang, Guillem Colomer Fontanet, Jolien van Bever, Ines Escauriaza ­Otazua, Marie Brabcova, Cynthia Deckers
Interieurontwerp algemene publieke delen Neutelings Riedijk Architecten
Interieurontwerp kantoren Hollandse Nieuwe
Ontwerp permanente museumzalen ‘Leven’ en ‘De Dood’ 
Kossmann.deJong
Ontwerp kunst Iris van Herpen (betonreliëf) Studio Tord Boontje (grafiek)
Landschapsarchitect H+N+S
Houtafwerking interieur Harryvan Interieur en Van de Wiel Complete ­Afbouw
Vloeren Bakker Natuursteen
Parketvloer Michels parketvloeren
Hang- en sluitwerk FSB
Ontwerp verlichting Licht-Joost de Beij, Lichtontwerpers 
(Kees van de Lagemaat)
Verlichting Philips, Zumtobel, Etap, Lumen, Thorn, TDE
Bouwfysisch bureau DGMR Raadgevende Ingenieurs
Glaskappen Brakel Atmos
Gevelbekleding Bakker Natuursteen, Hibex (beton)
Keramische bekleding NBK Terrart
Vliesgevels Alkondor
Aluminium kozijnen AKS
Stalen puien en kozijnen MHB
Zonwering Warema, Suncolor
Adviseur Installaties E&W Huisman & Van Muijen
Bouwkundig ontwerp ABT BV Ingenieursbureau
Constructief ontwerp Aronsohn Raadgevende Ingenieurs
Hoofdaannemer J.P. van Eesteren