Het Arsenaal Leiden: licht, lucht en groen

Projecten
Onderwijs 
‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Het Arsenaal van de Universiteit Leiden werd door Hoek & De Wit Architecten met veel oog voor detail getransformeerd in een aantrekkelijk en eigentijds gebouw, waar het prettig werken en studeren is.

Het Arsenaal bestaat uit twee aan elkaar grenzende carrévormige bouwblokken met binnenplaats, uit het begin van de 19de eeuw. Ze werden gebouwd voor een garnizoen soldaten dat door koning Lodewijk Napoleon, de broer van de keizer Napoleon, naar Leiden was gestuurd voor wederopbouw van de stad na de buskruitramp in 1807. Het gemeentelijk monument is in de loop der jaren verschillende malen gerenoveerd. In 1979 startte een ingrijpende verbouwing naar ontwerp van architect Tjeerd Dijkstra, waarbij een deel van het westelijk blok werd herbouwd naar nieuw ontwerp in oude stijl en de westelijke binnenplaats overkapt met een constructie in hout en glas; de oostelijke binnenplaats werd volgebouwd en was een bibliotheek. In 1981 nam de Faculteit Letteren van de Universiteit Leiden haar intrek in het Arsenaal, sinds dat jaar wordt het gebouw gebruikt door de Faculteit Geesteswetenschappen en LUCAS (Leiden University Centre for the Arts in Society).

Authenticiteit kenmerkt het Arsenaal

Het ontwerp van de jongste renovatie is van Ernst Hoek van Hoek & De Wit Architecten in samenwerking met Diederik de Jonge, tot eind 2018 architect bij het Vastgoedbedrijf van de universiteit, de opdrachtgever. “Hij heeft het basisontwerp gemaakt”, vertelt Hoek, “en de opdrachtgever wilde in dezelfde lijn doorgaan. Ook na Diederiks vertrek hebben we steeds uitvoerig contact gehad en veel samen gedaan.” Doel van de renovatie was het creëren van eigentijdse werkplekken, onderwijs- en studieruimtes en aantrekkelijke ontmoetingsplekken, waarbij openheid en transparantie belangrijke uitgangspunten waren. Ook moest het gebouw worden verduurzaamd, zonder het authentieke karakter aan te tasten. Alle kozijnen en ramen in de gevel zijn vervangen door dubbel glas en voorzien van een 19de-eeuws profielrand, en nauwelijks van de originele te onderscheiden. “Alleen een historicus ziet het verschil”, stelt Hoek. De ramen zijn met veel oog voor detail ontworpen: de afstandhouders tussen twee lagen glas zijn bijvoorbeeld wit in plaats van aluminiumkleurig. “Met aluminium zie je erg duidelijk dat het dubbel glas is, zo lijkt het één geheel.” De oorspronkelijke schuiframen werden vervangen door eigentijdse exemplaren, met een veermechaniek in plaats van contragewichten.

Monoliet

Na de entree kom je in de westelijke binnenplaats, die werd getransformeerd tot studielandschap. In het midden staat een imposante houten draagconstructie, gemaakt tijdens de renovatie van 1979. Hoek: “De draagconstructie is inmiddels onderdeel van het monument en ongewijzigd. We hebben wel een nieuw glazen dak met zonwerend en superisolerend glas gemaakt, en het balkenplafond vervangen door een wit gestuukt plafond.” Ook een van de wanden van de binnenplaats is gestuukt, in een steenkleur, omdat de originele bakstenen hier te veel waren beschadigd. Voor deze wand kwam een grote glazen pui die de ruimte afsluit van het entreegebied. Achter de glazen pui zie je door de raamgaten van de gestuukte wand een wand die geheel is afgewerkt met hout. Hoek: “Het glas, steen en hout geven een mooie gelaagdheid, als in een theater. Het hout, Oregon Pine, is afkomstig van de oude kozijnen van het gebouw, en hebben we gebruikt voor afwerking van onder meer de trappen en de wanden van de toiletruimtes.” Zo veel mogelijk materialen uit het Arsenaal zijn hergebruikt, ook in andere gebouwen. Ze zijn verzameld door ‘urban miner’ New Horizon, dat gebouwen ontmanteld om zoveel mogelijk materialen te ‘oogsten’ voor hergebruik.
In het studielandschap staat een reusachtige monolieten tafel in twee delen, die in totaal 15 x 15 m beslaat en ruimte biedt aan 100 studieplekken, hoewel de capaciteit door corona nu een stuk lager is. De door Smeulders interieurwerken gemaakte tafel heeft een blad met een meanderende binnenzijde, om zo meer zitplaatsen te creëren. Voor afscheiding tussen de studieplekken, én voor het klimaat en de sfeer, staan in het blad van de tafel grote planten.

Volop daglicht

Een brede gang tussen twee trappen voert naar de tweede binnenplaats, die deels open is gemaakt door het verwijderen van de ‘boekentoren’. Hier is nu een binnentuin en komt weer tot onderin het gebouw daglicht. De binnentuin wordt doorkruist door een glazen middengang, aan weerszijden staan planten en zitjes op kinderkopjes die voor de renovatie in de westelijke binnenplaats lagen. Tegen de wanden van de binnenplaatsen komen nog ‘verticale tuinen’: “We willen een sfeer van licht, lucht en groen, en dat moet je overal in het gebouw kunnen zien”, aldus Hoek.
In het volume dat overbleef zijn op de begane grond twee onderwijsruimtes, op de eerste verdieping zijn kantoren en op de tweede PhD-plekken. De onderwijsruimtes hebben deuren die kunnen worden geopend naar de binnentuinen, binnen staan de Capsuletafels die Hoek eerder ontwierp en worden gebruikt in verschillende andere gebouwen van de universiteit. De tafels bestaan uit twee delen op een aan de vloer bevestigde zuil; de delen kunnen eenvoudig door studenten zelf naar elkaar toe worden gedraaid zodat een grote tafel voor groepswerk ontstaat. Ze worden geproduceerd door Heutink projectinrichting en zijn er in verschillende afmetingen.
Erfgoed Leiden wilde in de vloerafwerking de contouren van de vroegere binnenplaatsen terugzien en daar ligt nu een grijze gietvloer; in de overige ruimtes is gekozen voor een lichtbruine Marmoleum Cocoa.

Strak

Rondom de binnenplaatsen zijn op de begane grond en eerste verdieping werk-, studie- en overlegkamers. Hoek: “We wilden eigenlijk zoveel mogelijk open werkruimtes, maar de medewerkers hadden liever gesloten kamers.” Om toch openheid te creëren, hebben de kamers glazen wanden, waar de medewerkers privacyfolie op wilden. “Boven- en onderin is het glas wel helder, zodat de ruimtelijkheid blijft.” Voor de verlichting hangt er in de kamers een dubbele lijn armaturen, die in het hele gebouw op dezelfde plek is aangebracht, zodat je van buiten overal hetzelfde lichtbeeld hebt.
Ook op de gang langs de werkkamers loopt een lichtlijn, die de twee binnenplaatsen volgt en tevens de rand van een brede koof markeert. De scheidingswand staan soms voor, soms achter de koof, zodat een meanderend effect ontstaat. In de koof zijn verschillende installaties weggewerkt, warmte en koeling worden geleverd door de gestuukte klimaatplafonds tussen de originele houten balken. “We wilden een zo rustig en strak mogelijk gebouw”, stelt Hoek, “er zijn nergens roosters of radiatoren.” De enorme luchtbehandelingskasten zijn op ingenieuze wijze weggewerkt op de zolder, “een sterk staaltje van techniek. En van buiten zie je er niets van, zodat het monument een monument blijft.”

Bergruimte

Op de gangen zijn op verschillende plekken kastenwanden, met grote lockers met dubbele deuren. Hoek: “Er was veel bergruimte gewenst, maar we stelden dat we de kasten dan wel op de gangen zouden maken.” Ze mochten niet op de vloer worden geplaatst en zijn extra hoog opgehangen, eronder is indirecte verlichting die de ruimtelijkheid versterkt. Voor bergruimte in de vaak smalle werkkamers ontwierp Hoek daarnaast speciaal voor het Arsenaal een nieuw systeem van metalen boekenplanken, waarvan er zo’n 1700 tot 1800 in het gebouw hangen – in totaal circa 1,5 km. Het systeem bestaat uit een profiel met regels waarop eenvoudig de losse planken kunnen worden bevestigd. “Na het zien van het eerste proefmodel deed dat ons denken aan het metalen wandrek van Tomado uit de jaren vijftig, een eenvoudig en modulair systeem.” De planken worden net iets los van de muur aangebracht, erachter is ruimte voor snoertjes. Op sommige plekken is verlichting aangebracht die mooi achter de planken doorschijnt. De productie kwam tot stand in samenwerking met Heutink, dat de boekenplanken onder de naam White Corner in de collectie zal opnemen. Hoek: “Het is simpel, betaalbaar en gemakkelijk, en je kunt het eigenlijk overal gebruiken. Ook in modewinkels bijvoorbeeld, waar je dan kleerhangers aan de regels kunt hangen.”

Geel als kenmerkende kleur in het Arsenaal

Op de eerste verdieping zijn aan weerszijden van de gang tussen de binnenplaatsen ruimtes waarvan het plafond is weggebroken, zodat je hier de originele dakconstructie ziet. Door de dakramen zijn de ruimtes zeer licht, wat nog wordt versterkt door de glazen puien naar de middengang. De vloer loopt buiten de puien iets door, daar komen nog planten. Een van de ruimtes is de lounge van LUCAS, herkenbaar aan het geel dat hier is gebruikt voor de omlijsting van het keukenblok. In de lounge staan nieuwe stoelen van Ahrend, in de overige ruimtes is veel meubilair hergebruikt.
Veel aandacht kregen ten slotte ook de toiletten: “Dat geldt voor al onze ontwerpen”, zegt Hoek. “Hier hebben de toiletruimtes een lichte vloer en tegelwand, boven de hoogtelijn is alles groen.” De wand met de deuren naar de toiletten is geheel uitgevoerd in hergebruikt hout en zorgt samen met het groen voor een aangename sfeer.
Het Arsenaal werd in maart opgeleverd, “en we hebben hard gewerkt om het op tijd af te krijgen”, zegt Hoek, “maar meteen erna kwam de lockdown.” In september werd het gebouw heropend, momenteel is de bezetting zo’n 20 procent. Maar het Arsenaal is klaar voor een lange toekomst, en ook als het straks weer op volle toeren draait zal het er ongetwijfeld aangenaam werken en studeren zijn.

www.hoekwit.nl

(Tekst: Rutger van Oldenbeek – fotografie: Stijn Poelstra)

LEGENDA
Opdrachtgever Vastgoedbedrijf Universiteit Leiden; Steven Menijn
Ontwerp Hoek & De Wit Architecten i.s.m. Diederik de Jong; Ernst Hoek
Interieurbouw Smeulders interieurwerken
Capsuletafels en boekenplanken Heutink projectinrichting
Losse meubelen Ahrend
Verlichting LichtNL
Vloeren Forbo Flooring
Sanitair o.a. Sphinx, Geberit, Ideal Standard
Glazen scheidingswanden IGS Glas
Urban Mining NewHorizon
Akoestisch adviseur Buro bouwfysica
Bewegwijzering Zeegroen i.s.m. Bertram van Linge
Installatieadviseur HE-Adviseurs
Constructeur Raadgevend Ingenieursbureau Van Dijke
Installateur BRI Groep (i.o.v. Du Prie)
Bouwdirectie Webbers Bouwmanagement
Bouwtoezicht Sam Erades
Hoofdaannemer Du Prie bouw & ontwikkeling
Bruto vloeroppervlak 5.624 m²

De website Pi-online biedt actualiteit voor professionals uit de architectuur- en interieurbranche. De rubriek Projecten biedt beschrijvingen van onlangs gerealiseerde gebouwontwerpen.