Colliers Amsterdam: Werken in olympische sferen

Projecten
Herbestemming 
‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Colliers International verhuisde zijn Nederlandse hoofdkantoor van de Amsterdamse Zuidas naar een van de monumentale Citroëngebouwen aan het Stadionplein. Jasper Blüm en Iefke Machielsen van Colliers ontwierpen een interieur dat prachtig aansluit bij de strakke en modernistische stijl van het gebouw, maar ook een zachte kant heeft.

Het nieuw kantoor van de internationale vastgoedadviseur is gevestigd in het noordelijke van de twee door architect Jan Wils ontworpen Citroëngebouwen tegenover het Olympisch Stadion uit 1928, eveneens ontworpen door Wils. Het Noordgebouw uit 1962 – nu ‘The Olympic 1962’ – werd gerenoveerd naar ontwerp van architectenbureau Rijnboutt, dat onder meer nieuwe vides in de kern van het gebouw maakte voor meer daglicht. Het gebouw biedt naast Colliers onderdak aan onder meer sportmerk Under Armour en Deloitte Digital, op de begane grond is een restaurant. Het Zuidgebouw uit 1931 wordt momenteel getransformeerd naar ontwerp van BiermanHenket architecten en later dit jaar opgeleverd.

Richtlijnen

Het kantoor van Colliers International ligt op de tweede verdieping, waar vroeger de werkplaatsen van Citroën waren. Voor het interieurontwerp tekenden Jasper Blüm en Iefke Machielsen – interieurarchitecten bij de Rotterdamse vestiging van Colliers, de thuisbasis van de afdeling Design & Development. “Normaal ontwerpen we kantoorconcepten voor derden”, vertelt Blüm, “dit was voor ons eigen bedrijf. Er wordt vaak gezegd dat die de lastigste klanten zijn, omdat iedereen zijn zegje mag doen. Maar het is eigenlijk juist fijn om te merken hoe betrokken iedereen is.”
Het ontwerp moest voldoen aan een aantal strenge eisen die Rijnboutt had gesteld. Zo waren er richtlijnen voor de glazen stroken die overal bovenin de binnenwanden terug moesten komen. “In het casco waren al klimaatplafonds, akoestische panelen en verlichting opgenomen waarmee we rekening moesten houden”, zegt Blüm. “Ook lag vast waar de wanden moesten komen. We hebben voor de plaatsing van de scheidingswanden het lijnenspel van het plafond gebruikt, zodat ze hier mooi op aansluiten.” De wanden zijn uitgevoerd in kleuren uit een door Rijnboutt voorgeschreven palet – lichtgrijs voor de buitenzijde en krijtwit voor de binnenzijde. Ook het antraciet voor de kolommen en het warmgrijs voor de betonnen liggers komen uit dit palet. Hoewel de ontwerpers aanvankelijk hout wilden gebruiken, is gekozen voor stalen wanden. Machielsen: “Die zijn duurder, maar passen beter bij de rechte lijnen van het gebouw.”

Rondingen

Voor de zonering van de grote ruimte ontwikkelden Blüm en Machielsen een concept met drie soorten ‘Offices’ – een Community, een Meeting en een Working Office, elk met een eigen karakter. Je komt binnen in het Community Office, volgens Blüm “een soort clubhuis met een hospitality-uitstraling. Dat heeft alles te maken met het feit dat de hotelsector een belangrijk onderdeel is van ons dienstenpakket.” Hier worden klanten ontvangen, komen de medewerkers samen en zijn er volop plekken voor informeel overleg. Bij de entree is een loungeachtige lobby met fauteuils en een bank op een groot kleed en een Base-tafel van Arco. “We hebben gekozen voor natuurlijke materialen en producten die lang meegaan en daarom duurzaam zijn, zoals deze tafel”, aldus Machielsen. Naast de lobby staat een grote bar, tevens receptiebalie, in een vormgeving die is geïnspireerd op de bar van hotel QO in Amsterdam, met dezelfde ronde uiteinden. “De bar staat voor de zachte kant van het kantoor”, zegt Blüm, “die aansluit op de hospitality-gedachte: een warm welkom. Daarnaast wilden we een contrast creëren met de lange rechte lijnen in de ruimte.” Tegenover de bar staat een grote maatwerkbank met bovenin plantenbakken in een vriendelijke geronde vormgeving, net als de bladen van de tafels die er bij staan. Achter de bank zijn tegen een lange wand groene ‘bladeren’ van mineraalwolvilt aangebracht, ontworpen door Marjan Veltkamp. Machielsen: “We wilden meer groen en een betere akoestiek, die aandacht komt terug in deze bladeren. Ook bieden ze de tactiliteit van textiel, wat aansluit bij de zachte kant.”
De lunchruimte in het Community Office heeft een vrij in de ruimte staande uitgiftebalie, ook weer met ronde uiteinden. Er wordt gezonde en biologische producten geserveerd – Colliers heeft de ambitie er een WELL-kantoor van te maken. Blüm: “Een gezonde lunch maakt daar deel van uit en wij waren daar ook bij betrokken.” Een WELL-eis is bijvoorbeeld dat je de receptuur terug moet kunnen lezen, en dat kan in de bibliotheek naast de uitgiftebalie.

Olympische Spelen

Het Meeting Office ligt tussen het Community en het Working office. “Zowel letterlijk als qua karakter”, zegt Machielsen. “Het idee is dat de klanten en de medewerkers elkaar halverwege ontmoeten.” In het Meeting Office zijn onder meer afgesloten vergader- en samenwerkkamers, met ertussen twee open brainstormruimten met grote tafels.
Het lag voor de hand lag om Citroën als thema in het interieur terug te laten komen; zo is in het restaurant op de begane grond de ‘Lemonman’-bar, als hommage aan de opa van Citroënoprichter Gerard Citroen. Toch kozen Blüm en Machielsen voor een andere bron van inspiratie – de locatie tegenover het Olympisch Stadion en het feit dat ook Under Armour in het pand is gevestigd. Op de vloeren in het Meeting Office ligt bijvoorbeeld een speciaal ontworpen vloerbedekking met een dessin dat is afgeleid van de belijning op sportvelden en atletiekbanen. Die lijnen komen terug in de privacyfolie op de ruiten, met een patroon waarin op subtiele wijze het bedrijfslogo is opgenomen. De kamers hebben namen van steden waar Olympische Spelen plaatsvonden of gaan plaatsvinden, zoals Berlijn, Tokio en Los Angeles. De grootste ruimte – Amsterdam 1928 – is de boardroom. “Dat moest een wat lossere en dynamischere ruimte worden, passend bij Colliers als moderne vastgoedadviseur”, stelt Blüm. In het midden staat een grote tafel met erboven verlichting in de vorm van de vijf Olympische ringen. De ruimte is aan twee kanten van glas maar kan worden afgesloten door middel van speciaal ontworpen gordijnen, met bovenin een strook vitrage die precies de verdeling van de glazen scheidingswanden volgt en zo aansluit op het grid van het gebouw.

Akoestiek

Hoewel in het casco al akoestische plafonds opgenomen, zijn verschillende aanvullende voorzieningen toegepast. Machielsen: “We hebben de akoestiek in de basis opgepakt, zodat het niet opvalt.” De ruimten in het Meeting Office hebben bijvoorbeeld steeds één wand met akoestisch vilt, weggewerkt achter een afbeelding die verwijst naar de naam van de ruimte. Het casco heeft een harde vloer en in de open delen wordt het geluid niet voldoende geabsorbeerd door de plafonds. “We hebben ingenieursbureau Peutz laten berekenen welke aanvullende akoestische maatregelen nodig waren”, zegt Blüm. “Zij stelden voor om nog meer afscheiding tussen de drie Offices te creëren, maar dat zou ten koste gaan van de openheid en het karakter van het pand. Daarom komen er nog kleden, bijvoorbeeld bij de boardroom.”
Om dezelfde reden ligt bij de werkplekken in het Working Office vloerbedekking, in een blauwe kleurstelling die past bij het Colliers-logo. Machielsen: “Wel in een iets lichtere, subtiele tint, zodat het niet schreeuwerig is.” Het geel uit het logo komt trouwens terug in het kleed en de bank bij de entree, “maar dat is meer een verwijzing naar Olympisch goud dan naar Colliers-geel.”

Circulair

Het Working Office bevindt zich aan de buitengevel, voor meer rust en daglicht. De werkplekken worden van de gang erlangs gescheiden door het kastensysteem Cast van Cowerk, dat ook is gebruikt in de lobby en de bibliotheek. In de ontwerpfase gaven gebruikersgroepen aan circulariteit in het interieur te willen. “En Cast voldoet daaraan op een eigenzinnige manier”, zegt Blüm. Voor de op maat geconfigureerde kasten is onder meer hout en staal van oude vierpootstafels – gevonden in een loods in de haven van Rotterdam – en HPL van tafelbladen hergebruikt. Een deel van het hout is echter nieuw, “want de kasten moesten allemaal hetzelfde zijn, anders zou het te bont worden.” Er is één kast per zes werkplekken, met daarin lockers, een kapstok en kunststof lades.
Een groot deel van de werktafels werd meegenomen uit het vorige kantoor, een aantal is nieuw, net als de bureaustoelen van Interstuhl. De medewerkers werken flexibel, maar wel in teams. Daarom zijn tussen een aantal teamafdelingen scheidingswanden geplaatst. In het midden is het kantoor van de ceo, met een scheidingswand van dubbel glas, voor privacy en gevoelige gesprekken.
Blüm noemt ten slotte de goede samenwerking met bureau Rijnboutt, waar men ook enthousiast was over het interieurontwerp. Dat sluit dan ook optimaal aan op het strakke, modernistische Citroëngebouw én de ingrepen van Rijnbout. De rondingen en kleuren zorgen voor de zachte kant, met als resultaat een uitgebalanceerd interieur waarin overal prettig kan worden gewerkt. Machielsen: “Oorspronkelijk wilden we nog meer rondingen en dan was de ‘wow factor’ waarschijnlijk groter geweest. Maar met de rechte lijnen sluit het interieur beter aan bij het gebouw, en het is duurzamer.”

www2.colliers.com

(Tekst: Rutger van Oldenbeek – fotografie: Ronald Smits Photography)

LEGENDA
Opdrachtgever Colliers International
Interieurontwerp Colliers International; Jasper Blüm, Iefke Machielsen
Interieurbouw Van Assem Interieurbouw
Kasten Cowerk
Losse meubelen Crassevig, Lammhults, Arco, Velto/Interstuhl,
SV, Branding Office Furniture
Lichtadvies Lichtadvies010
Betonnen vloer Duramique
Vloerkleden Community Office Ege
Vloerbedekking Meeting Office Ege
Vloerbedekking Working Office Milliken
Wanden Planeffect
Akoestiek Fields, Deblick
Raamfolie McArt
Stoffering Kampschreur, Agenturen99, Oniro, Kvadrat
Planten Donkergroen